Tagarchief: Nederlands

WOORD VAN HET JAAR 2014

– In Nederland, België en Engeland is SELFIE tot woord van het jaar 2013 *) uitverkoren. Een selfie is een fotootje, een zelfportret met een beroemdheid. Eerder in 2013 was selfie bestempeld als het meest overbodige woord

*) Socialbesitas eindigde op de tweede en sletvrees haalde de derde plaats. Andere genomineerde woorden waren: knikkebolziekte, boekface, comakijken, kweekburger, kopschopper en voedselsjoemel.

———————————————————————————————————————————

Wat leven we in een speciaal landje eigenlijk. Terwijl Neederlanders massaal HET WOORD links laten liggen, zie je juist in die keuzes voor één enkel woord de aandacht voor kleine ZELF en de kleinst mogelijke problemen rondom dat zelf. Maar op tegenwoordig kleine afstand liggen wél overal op de loer grotere problemen als corruptie, zelfverrijking, oorlog, massamoord, despotisme, hongersnood, armoede.

Voor het individue zijn dat té lastige, onhanteerbare kwesties. Gemakzuchtiger is het dan om in de beschutte omgeving van het eigen stekje met behulp van een knuffel-apparaat als een i-pad te kijken wat er in de rest van de wereld gebeurd is en welke overbodigheden  anderen voor je opzoeken of bedenken.

Nu ben ik niet zo’n trendvolger, maar toch: in het licht van het bovenstaande opteer ik alvast voor 2014 het woord aailei *) als alternatiefje voor i-pad. Omdat daarop niet meer wordt GESCHREVEN maar wel getikt en geveegd.

Lei, griffel,

En zo kom ik op de bewonderingswaardige neiging van Vlamingen en ZuidAfrikaners om de invloed van het Engels op de eigen taal teniet te doen met vervanging door eigentaalse varianten. Om te beginnen wil ik stellen, dat het Nederlands ernstig wordt verkankerd door opname van Engelstalige begrippen. En dát is weer te vergelijken met de invloed van het ABN op het Frysk. Daarom zou het woord ABN niet meer de lading dekken. Een Nederlandse taal bestaat niet, onder meer omdat Fryslân met het Frysk als eigen taal  onderdeel is van Nederland.

Vergelijkend Engeland>Engels, Duitsland>Duits, Frankrijk> Frans, Denemarken>Deens, Noorwegen>Noors pleit ik er voor om Nederland>Neers te gebruiken. En om Engelstalige woorden te weren en te vervangen door inheemse eigen woorden. En om daarbij en daarvoor het (tweetalige)  Neers sterk te vereen-voudigen. Want in deze delta zijn eeuwenlang bevolkingsgroepen aangeland met totaal andere talen.

Een gemeenschappelijke taal is nu eenmaal hét medium voor goede communicatie, begrip en participatie.

*) Vroeger werd een plaatje leisteen in een houten lijst gebruikt om op te schrijven. Door er op te krassen met een schrijfstift, de griffel. Een lei kan heel gemakkelijk met een sponsje worden schoongewist, waarna de schrijfplank opnieuw gebruikt kan worden.   Aai correspondeert met de letter i en is het enkelvoud van aaien, strelen, vegen. Pad ( onderlegger, kussentje) kan vervangen worden door Pet ( lievelingsdier, schat).  De samenvoeging wordt dan AAIPET. Mijn voorstel voor een Fryske variant is: aailaai.

Zie ook de column Nuw-Neerlands: http://bit.ly/19nlwUS

Zie ook de column KORTERLANDS: http://bit.ly/1cVHqMR

Nuw-neerlands voor autogtonen en allogtonen 

Veel Nederlandse televisiepresentatoren en carbaretiers willen zoveel vertellen, dat zij als het ware struikelen over hun eigen woorden. Vaak worden woorddelen ingeslikt en zijn speciaal de heren maar moeilijk te volgen vanwege hun rappe spreekstijl.

De uitspraak van het Nederlands is overal anders. Het is maar nét hoe de tong plaatselijk valt. Met de komst van talloze buitenlanders in de Hollandse samenleving groeide ook het andere taalgebruik in de randstedelijke townships. Deze babbelonische spraakverwarring is een regelrechte aanslag op het hoog Haarlems en het Kneuterdijks. Taalverschillen veroorzaken misverstanden, een uit elkaar drijven en uit elkaar blijven van de diverse groeperingen.

Toch is een, voor een ieder te bevatten taalvorm, gesproken én geschreven, het belangrijkste samenbindende element in de samenleving.
Het ‘Algemeen Beschaafd Nederlands’ zou op de lange duur wel eens moeten veranderen in een soort ‘steenkool-Esperanto-Nederlands’. Hoe zou een ‘nuwelandse’ spreek/schrijftaal er uit kunnen zien? Veel Nederlanders slikken de n al in. Ook in de Friese schrijftaal ontbreekt de slot-n van de werkwoor-den. Werkwoordsvormen kunnen zelfs nog meer worden afgekort. Zo kan te snoeien veranderen in ‘te snoe’ en te zwemmen in ‘te zwem’. Van de voltooide deelwoorden gaan wat lettertjes af: gebruikt wordt gebruik, geroepen wordt geroep. Deze ingreep bespaart nadenkpijn over d of t in bijvoorbeeld geweest en gegroeid.

Datzelfde geldt voor zelfstandige naamwoorden: kerstfeest verandert in kersfees. De sch-combi-natie wordt afgeschaft en zo heeft u een skoondogter. Een belachelijk bijvoeglijk naamwoord wordt belaggelik. En het woord hierbij wordt hierby om de twee stipjes bij het schrijven te be-sparen. Voordeel is ook de tijdbesparing omdat zinnen korter worden gaat het typen van een tekst sneller. Een document van twintig A4-pagina’s slinkt tot achttien bladzijden en dát is ook nog een voordelige printerpapier-besparing. Hieronder een vóórbeeldje:

My eggenote en ik het griep onderlede gehad. Maar geluk dat ons dogter mediese student is en voor tien dae in Dragten gewees het met Kersfees en Nuwjaar. Sy kon ons dus van goede raad bedien en sy het ook die kos gemaak: ’n heerlike vleespotjie met ’n biertjie. Maar mees belangrik was die gesellig tyd saam onder die kersboom met al die liggies, slingers en die pragtige balle. En die tweede Kersdag kry ons tog een wit dek op de bome. Maar nu is sy weer terug naar die kus waar sy woon met haar eggenoot. Ons voel nu weer prima! Wat een heerlik belegging om een dogter soos sy te hebbe.

Onze samenleving is met de komst van vele migranten veranderd. Dat veranderingsproces gaat z’n eigen gangetje wel. Om te helpen voorkomen dat diverse etnische groeperingen in taal en anderszins apart gaan en dan apart blijven zal de schrijftaal doelbewust moeten worden vereenvoudigd, aangepast aan de veranderende spraak. Dát zou voor taalkundigen weliswaar een stevige klus zijn maar een heel wat zinniger activiteit dan het gesteggel over spellingdetails in het nieuwste ‘groene boekje’.

Taalbehoud? Vergeet het maar. Het lijkt me onontkoombaar dat het ABN snel en sterk zal veranderen. In de nabije toekomst zou het gesprokene wel eens heel erg kunnen gaan verschillen van de schrijftaal. Tenzij de regeltjes een stuk simpeler worden en het veranderingsproces een beetje wordt aangestuurd.

Als stadsfries kan ik me een taalversimpeling goed voorstellen: het Fries gaat aardig in die richting. Voor taalfanaten is het misschien ‘gruwellands’, maar een brokje “Nuwelands”, een beetje gelijkend op het hedendaagse Zuid-Afrikaans, is mijn voorzetje tot het denken over een verdergaande taalvereenvoudiging.                                                     Henk Veenstra